Astronieuwtjes


ZENIT - Astronieuws

12 oktober 2017 • Zonachtige ster heeft meerdere planeten opgeslokt
Onderzoek van een dubbelster, bestaande uit twee zonachtige sterren, heeft laten zien dat een van beide sterren ongeveer 15 aardmassa’s aan planetair materiaal heeft opgeslokt. Deze ‘planetenverslinder’ en zijn begeleider bevinden zich op 350 lichtjaar van de aarde. De twee sterren zijn ongeveer 4 miljard jaar oud en draaien in een wijde baan om elkaar heen. De bijzondere ontdekking is gedaan door de astrofysicus Semyeong Oh van de Princeton Universiteit. Zij onderzocht de catalogus van de Europese Gaia-satelliet, die bezig is de om de sterren van onze Melkweg in kaart te brengen, op tweetallen sterren die met dezelfde snelheid dezelfde kant op bewegen. In veel gevallen zijn dat echte dubbelsterren: sterren die gelijktijdig dicht bij elkaar zijn gevormd en uit hetzelfde basismateriaal bestaan. (Image courtesy of NASA/JPL-Caltech/R. Hurt (SSC-Caltech) De sterren HD 240429 en HD 240430 leken perfect aan dit signalement te voldoen, op één ding na: ze verschilden sterk van chemische samenstelling. HD 240429, die ‘Kronos’ is gedoopt, bevat aanzienlijk meer zware chemische elementen dan zijn tweeling, ‘Krios’. Omdat er weinig twijfel over bestaat dat de beide sterren uit één en dezelfde gaswolk zijn gevormd, en ook ongeveer even oud zijn, bleef er eigenlijk maar een verklaring over voor de afwijkende samenstelling van Kronos: hij lijkt enkele planeten te hebben verzwolgen. Omdat het verschil in samenstelling tussen de beide sterren het grootst is voor elementen als ijzer, silicium en magnesium, moeten dat rotsachtige werelden zijn geweest. Er zijn meer voorbeelden bekend van sterren die planetair materiaal hebben opgeslokt, maar niet eerder is zo’n gulzige ster als Kronos. ontdekt. Vermoed wordt dat de oorzaak ligt bij een dichte passage van een andere ster. Daarbij zouden de buitenste planeten van Kronos in langgerekte banen terecht zijn gekomen, die hen door het binnenste deel van het planetenstelsel voerden. De daar aanwezige rotsachtige binnenplaneten zouden vervolgens naar de ster toe zijn geslingerd. Als dit scenario klopt, zouden er nog steeds planeten in langgerekte banen om Kronos moeten wentelen. Verder onderzoek kan hier uitsluitsel over geven. (EE) Meer informatie: → Devourer of planets? Princeton researchers dub star ‘Kronos’ 
>> meer lezen

12 oktober 2017 • Afstand gemeten van stervormingsgebied aan de ‘overkant’ van de Melkweg
 Astronomen zijn erin geslaagd om de afstand te meten van een stervormingsgebied dat zich van ons uit gezien aan de andere kant van ons Melkwegstelsel bevindt. Nooit eerder is van zo’n ver object binnen de Melkweg de afstand bepaald (Science, 13 oktober). Bij de meting is gebruik gemaakt van de Very Long Baseline Array (VLBA) – een groot netwerk van radiotelescopen in Noord-Amerika. Daarbij is een eeuwenoude techniek toegepast waarbij de schijnbare verplaatsing van een object aan de hemel wordt gemeten die het gevolg is van de beweging van de aarde om de zon. Hoe geringer die schijnbare verplaatsing of ‘parallax’, des te verder is het object van ons verwijderd.  (Credit: Bill Saxton, NRAO/AUI/NSF; Robert Hurt, NASA.) Met het VLBA-netwerk is nu de parallax gemeten van het stervormingsgebied G007.47+00.05, dat zich van ons uit gezien voorbij het centrum van de Melkweg bevindt. Dat centrum ligt 27.000 lichtjaar van ons vandaan, en de VLBA-metingen komen voor ’G007’ uit op een afstand van 66.000 lichtjaar. Tot nog toe stond het afstandsrecord voor zulke metingen op ongeveer 36.000 lichtjaar. Stervormingsgebieden zijn doorgaans te vinden in de spiraalarmen van ons Melkwegstelsel. Door van honderden van deze gebieden de afstanden te bepalen, hopen astronomen dan ook de spiraalstructuur in kaart te kunnen brengen van een deel van de Melkweg dat van ons uit moeilijk te zien is. Naar verwachting zal deze onderneming een jaar of tien in beslag gaan nemen. (EE) Meer informatie: → VLBA Measurement Promises Complete Picture of Milky Way   
>> meer lezen


Picture of The Week

In de val
Deze opname van de Atacama Large Millimeter/submillimeter Array (ALMA) toont V1247 Orionis, een jonge, hete ster omgeven door een dynamische ring van gas en stof, een zogeheten circumstellaire schijf. De schijf die hier te zien is, bestaat uit twee delen: een duidelijke centrale ring van materie en een iele sikkelvormige structuur wat verder weg. Het gebied tussen de ring en de sikkel, zichtbaar als een donkere strook, wordt vermoedelijk veroorzaakt door een jonge planeet die zich een weg doorheen de schijf hakt. Doordat de planeet om zijn moederster heen draait, ontstaat er een hoge druk aan beide zijden van zijn baan, net zoals een schip boeggolven maakt terwijl het door het water snijdt. Deze gebieden met een hoge druk kunnen een beschermende barrière vormen rond regio’s waar planeetvorming plaatsvindt; stofdeeltjes komen er gedurende miljoenen jaren in vast te zitten, wat hen de tijd en ruimte geeft om samen te klonteren en te groeien. De voortreffelijke resolutie van ALMA stelt astronomen voor het eerst in staat om de complexe structuur van een dergelijke stofopnemende vortex te onderzoeken. De opname onthult niet enkel de sikkelvormige ‘stofval’ aan de buitenrand van de donkere strook, maar ook gebieden met overtollig stof binnenin de ring, een mogelijke aanwijzing voor een tweede stofval die zich aan de binnenzijde van de omloopbaan van de potentiële planeet gevormd heeft. Dit bevestigt de voorspelling van eerdere computersimulaties. De stofval is een mogelijke oplossing voor een gigantisch struikelblok in huidige theorieën over planeetvorming, die voorspellen dat deeltjes eigenlijk naar de centrale ster toe zouden moeten drijven en op die manier vernietigd worden vooraleer ze de tijd krijgen om tot planetesimalen uit te groeien (het radiale driftprobleem).
>> meer lezen

Een hoogtechnologisch familieportret
Dit familieportret werd vastgelegd door voormalig ESO-fotoambassadeur Alexandru Tudorică en toont alle telescopen van de ESO-sterrenwacht La Silla in Chili. Helemaal links op de foto, opdoemend boven zijn naaste verwanten, staat de 3,6-meter telescoop van ESO te blinken. Deze telescoop herbergt het HARPS-instrument (High Accuracy Radial velocity Planet Searcher) en is daarmee ’s werelds belangrijkste planetenjager op vaste grond.  ESO’s New Technology Telescope (NTT), gemakkelijk te onderscheiden als het op een na grootste familielid, is te zien op een aangrenzende bergtop. De NTT was een proeftuin voor baanbrekende technologieën, zoals actieve optiek,  die nu bij de standaarduitrusting van telescopen overal ter wereld horen, waaronder ook ESO’s Very Large Telescope (VLT). De kleinere koepels van nog meer telescopen die door ESO beheerd worden, waarmee een samenwerkingsverband bestaat of die intussen buiten werking gesteld zijn, zijn op de bergrug te zien. Ook de belangrijkste toegangsweg naar de site is te zien. Deze slingert zich over de zonovergoten berghelling naar de talrijke technische gebouwen.
>> meer lezen